donderdag 17 juni 2010

A Hermès Sponge?


The nosestone
As far as I know the House of Hermès had a tasteful novelty when it presented customers with the opportunity to purchase a Hermès stone (with the letter H engraved in it) that actually smells like one’s favorite perfume. I bought such a scented stone when I dropped in on the Hermes boutique in Via Condotti, one of Rome’s most famous fashion streets. I thought it nice for my wife to have such a stone that would smell like Terre d’Hermès the fragrance by Jean-Claude Ellena. My all time favorite perfume for men. The more so while one of Terre’s distinct notes is ‘flint’, the smell of two stones slammed together. I like that. And my wife likes Terre d’Hermès. The stony present therefore spelled success.


The scented sponge
When on Eleuthera, the Bahamas, this spring I dove for natural sponges. Most sponges are too rough for delicate use, but two genera, Hippospongia and Spongia, have soft, entirely fibrous skeletons. Early Europeans used soft sponges for many purposes, including padding for helmets, portable drinking utensils and municipal water filters. Until the invention of synthetic sponges, they were used as cleaning tools, applicators for paints and ceramic glazes and discreet contraceptives. However by the mid-20th century, over-fishing brought both the animals and the industry close to extinction.

Today however, natural sponges have recuperated almost around the globe and do well in our designer bathrooms. I wondered if Hermès would not feel like introducing hand-picked, Caribbean sponges, scented with each of Hermès famous perfume lines. Just a thought...


Dove for and harvested some natural sea sponges on Eleuthera in the Bahamas. Wonderful lush and soft sponges that need 'curing' for a week in the ocean waves. Sponges are animals of the Phylum Porifera. Their bodies consist of jelly-like mesohyl sandwiched between two thin layers of cells. They have remarkable properties of absorption and would saturate well when drenched in one of the delicate scents of the House of Hermès...

The World of Hermès

maandag 31 mei 2010

EARTH SENSE


‘The scent of two rocks slammed together. Hard.’

A novel for the nose
Terre d’Hermès the fragrance by Jean-Claude Ellena, has a number of qualities that make it unique. Chiseled refinement of its structure, unconventional, transparent interpretation on the woody notes and remarkable quality of its ingredients. The composition reflects the intensity of sunlight against the stones of Roman ruins.

Fresh green hardness
Jean-Claude Ellena’s theme of multifaceted transparency is incorporated in Terre’s leitmotif of dry radiance introduced by the citrus notes which sparkle like crystals embedded in marble. The clarity is extended by the herbaceous green notes and the crisp silk of woods and vetiver.

No musk
Unconventionally, instead of arranging the composition into a classical masculine triptych of citrus, woods and musk, Ellena eschews the latter altogether. Instead, the mineral dust binds the entire arrangement, suspending the light and preserving the sensation of being dazzled by the sun. Terre d’Hermès notes include grapefruit, orange, flint, pepper, pink pepper, geranium, patchouli, cedar, vetiver, benzoin.

Ellena
Jean-Claude Ellena is a French perfumer. He was born in Grasse, Alpes-Maritimes. From 2004, he has been Hermès' exclusive in-house perfumer. He has created fragrances for several major perfume houses including The Different Company, which he founded before joining Hermès. In 2005, Ellena created Un Jardin sur le Nil for the house of Hermès. The story behind the creation of this fragrance was the subject of the book The Perfect Scent: A Year in the Perfume Industry in Paris and New York, by Chandler Burr.
Ellena's creations exclusively for the House of Hermès include:
Un Jardin en Méditerranée (2003)
Un Jardin sur le Nil (2005)
Elixir des Merveilles (2006)
Terre d'Hermès (2006)
Kelly Calèche (2007)
Un Jardin après la Mousson (2008)
Voyage d'Hermès (2010)

For Van Cleef & Arpels Ellena created two classic compositions:
First (1976)
Miss Arpels

The World of Hermès

zondag 16 mei 2010

BLUE LIPS


I admire my friend the artist Wim van Willegen. His sculptures of fragile leaves seem to float in space and sex you up in a casual way. Here you have a series of three lip-like leaf sculptures. 'Blue Lips'? The leaves could be very well derived from the genus Nymphaea, Lotus or Waterlily.
One of the three sculptures (wood, carved, and paint brushed to perfection) is slightly higher and provides the extra counterpoint in the composition.

donderdag 4 maart 2010

WOOD LORE

The potent healing powers of a Gingko leaf in rust speckled steel - by Wim van Willegen

The fall of a leaf is a whisper to the living
I harbor this silent but ongoing admiration for my friend the artist Wim van Willegen. His steel sculptures incorporate the cut-out silhouettes of fragile leaves captured as negatives of nature with such potent positive energy. I blogged earlier on this small but significant collection of sculptures and I do so again. His last name suggests that he is of 'the willow-family', but his work just as readily sports leaves and branches and trunks taken from the broader family of deciduous trees. Always with such a delicate attention to detail, yet with a trained eye for what makes sculpture stand out.

An elegant popular leaf like a knife standing in solid steel - by Wim van Willegen

donderdag 12 november 2009

FIELDTEST

Watch the online article on a fieldtest I did for Patagonia's new Guidewater Waders.

maandag 21 september 2009

STUKJES SINGLE [4]

Huidkleuren
Are there still women around who did not scar their pink flesh with mediocre icons in pailing skindeep needlepoints of ink?

Wat weten wij nou in godsnaam nog van erotiek? De Nederlandse erotiekbeurs van het jaar, de Jaarbeurs/Ahoy ‘Kamasutra Erotic Lifestyle Beurs’, want ook in originele naamgeving blinken we niet uit, die beurs is een soort MacDonalds van de ‘erotiek’ anno 2009. En wat er op erotisch gebied te koop is, getuigt van zo weinig goede smaak dat je het gemakkelijk de fastfood van de fuck mag noemen. Het ergste van alles is misschien nog wel de tattoo-rage en het piercen van genitaliën of andere zenuwrijke lichaamsdelen. Dat van die tattoo’s is echt om te huilen.

Of een piepklein schorpioentje op je rechtschouderblad...

Lifestyle is lijfstijl geworden en omdat we ‘design’ al grondig hebben gedevalueerd in onze Gamma’s en Blokkers, is ook ‘lijfstijl’ eenzelfde leeghoofdig lot beschoren. Hele volkstammen doorsnee Nederlanders laten zich volinkten met gejatte pseudo-tribal kuitkrullen en rugvlammen. Blauw prikkeldraad op je biceps. En was de tattoo-liefhebber nou maar echt lid van een oeroude Nederlandse stam en zouden de pictogrammen van het tattootaaltje nou maar echt terug te voeren zijn op de klassieke Hindelooper decoraties of de delftsblauwe guirlandes, dan wortelde de zelfverminking tenminste in een gemeenschappelijk cultuurgoed. Maar nee, we flikkeren alle gothic en tribal art van alle uithoeken der wereld op één hoop met de bonkige tattookunst uit ons voorbije zeemansleven en de sentimentele egodocumenten van levenslang gedetineerden. Wat je krijgt is ronkend geknoei op je buik, je borsten of je billen waar je voor de rest van je leven aan vast zit. Heel erg Nederlands is het ook om wel een tatoeage te willen, maar dan een schattig kleintje én ergens op een stiekem plekje. Een blauwe traan die uit je navel drupt bijvoorbeeld of een piepklein schorpioentje op je rechtschouderblad. Het is van alles niks, een boekenkast met één boek, een schilderij met één veeg.

Zij die zo’n nanotattootje laten zetten, zien zichzelf als uiterst geraffineerd. Ze zijn eigenlijk gewoon te schijterig om voluit te gaan voor de uiterst complexe en gedetailleerde bodysuits die van de Japanse samoerai van weleer of de geisha met hoge rang, ja zelfs van de Yakuza (Japanse maffia) een levend kunstwerk maken, vol waarachtige symboliek en van een ongekende grimmige schoonheid. Om nog maar te zwijgen van de decoratieve verminkingen die van negers in Mozambique (1) een wandelend brailleboek maken, maar mooi en met afleesbare rechtvaardiging. Of de ingewikkeld getekende, ragfijne hennahanden van Indiase bruidjes, de zuurverdiende krijgerskunst op de armen en benen van de Maori’s. Schitterende, levende kunstwerken maar laat het kunstje alsjeblieft daar waar het hoort en waar het een zingevende functie vervult in de diepgewortelde traditie van gemeenschappen. Wij hebben in Nederland welbeschouwd maar drie stammen die ongestraft met een beetje tatoeëring wegkomen: de zeelui, de gevangenen en de Hell’s Angels. De rest doet massaal aan cultroof bij gebrek aan eigen inspiratie.

(1) The Makua en Lomwe stammen in Mozambique (Afrika) gebruiken scarificatie door middel van het stempelprikken met fijne naalden als een vorm van initiatie of als identificatie van de notabelen binnen de stam. Het bijtende sap van het fruit van de cashew noot wordt in de geperforeerde huid gewreven zodat kleine ontstekingen de gaatjes laten zwellen en een blijvend litteken in de vorm van een huidbolletje achterlaten. Nog zeer recent werd deze vorm van punt- of bolletjestatoeëring eveneens toegepast door de vrouwen van de Toda in India als teken van wasdom.

zaterdag 19 september 2009

STUKJES SINGLE [3]

EVEN PASSEN
Ik ken via de datingsites een zojuist gescheiden vrouw van ergens begin veertig met twee jonge kinderen die in de maanden volgend op haar scheiding maar liefst zeven internetdates in korte tijd achter elkaar mee naar bed heeft genomen. Dat vertelde ze me.


Bij haar thuis. In the privacy of her own bedroom. Mannen van het net. Maar geen nette mannen. Ongeleide internetprojectielen met zaadleiders. Ze had ‘iets in te halen’. Op seksueel gebied met name. Ik denk eerder dat ze vooral iets te bewijzen had, maar dat doet er hier niet toe. Men neuke maar raak voor mijn part. Één van de mannen die ze na de online kennismaking en een telefoongesprekje in de avonduren bij haar thuis uitnodigde, liet er al evenmin veel gras over groeien. Nauwelijks een goed half uur na binnenkomst opperde de vent: ‘Zeg, zullen we eens gaan passen?’. En dat zijn ze toen maar gauw gaan doen. Ik hoorde het verhaaltje en ik dacht nog: ‘Kleren? Wie gaat er nou samen kleren passen bij een eerste date’. Een tijdje niks en toen viel het kwartje dat we tegenwoordig vijfentwintig eurocent horen te noemen. Passen! Het uitproberen der voortplantingsorganen! Ooit zo zout gegeten? En dan heb ik het niet over de smaak van het sperma in Westland aan Zee. Dat ik daar niet aan gedacht had, zeg. En ze zijn het meteen maar gaan doen ook. De wereld is een vreemd oord. Handenschudden, koffie lurken en sextools ‘passen’. En paste het? Dat wil je dan vervolgens weten toch? Ja het paste biologisch maar er was verder vrij weinig aan geweest. Ik dank je de koekoek (ook zo’n promiscue soort die andermans nest bevuilt en vervolgens nooit meer iets van zich laat horen behalve dat melancholische gekoer in een bosrand dan). Na even doorpraten bleek dat geen van de zeven haastig georganiseerde bedside stories de moeite van het navertellen waard waren en dat kwam voor mij nauwelijks als een verrassing.

Mannen van het net, maar geen nette mannen...

Het is de Nu-cultuur van de generatie Nix, wat ik je brom. Ík wil het Nú hebben. Vrij? Dan ik nu seks dat de stukken er vanaf vliegen. Het vervelende is alleen dat een plotselinge beurt maar uiterst zelden ook nog een betekenisvol samenzijn inluidt. Eigenlijk vrijwel nooit. Nog vervelender is dat de opgeklopte lust die zogenaamd geen uitstel meer duldt helemaal geen echte lust is, het is geeuwhonger naar aandacht en een zielige noodgreep van het lijf om aan het verdriet van het alleenzijn een subiet einde te maken.
Eind van het liedje is een zich door en door vies voelende vrouw van begin veertig met twee bloedjes van kinderen en met nog net dat greintje verantwoordelijkheidsgevoel dat haar een aidstest liet doen. Laat ze nou wonderwel de dans der virulente sexvirussen zijn ontsprongen. Zeven keer met vuur spelen en er mee weg komen. Een revolver heeft vijf kamers. Stop er één patroon in en je hebt twintig procent kans je door je hoofd te schieten. Het spelletje heet Russische roulette. En je kunt het in je eentje doen.